home
Home  » Mia Werck (Kiewit & Kiewit-Heide)

Kiewit & Kiewit-Heide 

Uit de inzendingen van Kiewit & Kiewit-Heide kozen Het Stadsmus en de Erfgoedcel voor de inzending van Mia Werck: de hâtelets of vleespennen van haar grootvader.
Je kan de vleespennen en enkele oude foto's uit 1949 van de slagerij van haar (groot)ouders van 1 tot 25 mei 2011 bewonderen in Het Stadsmus.

Mia_Werck,_Erfgoedkoning_van_Kiewit_&_Kiewit-Heide

Dit is haar verhaal.

Mia Werck komt uit een slagersfamilie. Vijf generaties lang had de familie Werck een slagerij in Hasselt. Eerst in de Aldestraat en de Badderijstraat, vanaf 1935 in de Demerstraat 48. Haar grootvader, Jules Werck (1882-1956), baatte samen met zijn vrouw Arnoldine Werck (1876-1944) de slagerij uit. Hun drie kinderen, Germaine (1907-1976), Fernand (1908-1958) en Eugène (1913-1991) zetten na de Tweede Wereldoorlog de slagerij verder. In 1972 stopte Eugène Werck, de vader van Mia Werck, met de slagerij. Hij had geen zonen om het slagersvak verder te zetten…

Vanaf eind de jaren 1940 was er jaarlijks een braderij in de Demerstraat. De braderij was het jaarlijkse hoogtepunt voor de winkeliers uit de Demerstraat. De winkeliers besteedden grote zorg aan de aankleding van hun etalages om de specialiteiten aan de man te brengen. De Demerstraat was gedurende de braderij verkeersvrij. Wandelaars werden verwend met gratis proevertjes van allerlei lekkernijen. Met tombola’s werden ze tot kopen aangezet. De braderij duurde een week. In 1949 had de braderij plaats van 6 tot 11 oktober 1949. De opening van de braderij was altijd een feestelijke gebeurtenis, in aanwezigheid van de leden van het schepencollege en opgeluisterd door een harmonie.

Speciaal voor de braderij maakte Slagerij Werck kleine bloedworsten en aspic (kleine geleipuddinkjes met vlees en groenten), in twee soorten: met ei en hesp en met gehaktballetjes. Deze specialiteiten werden op de braderij verkocht. Om de etalage te versieren maakten ze prachtige pronkstukken (een paar olifanten, een boot) van vlees en gesmolten varkensvet. De pronkstukken bleven gedurende de hele braderijweek in de etalage staan en trokken de aandacht van de vele voorbijgangers. Het waren meesterwerken van vakkennis en geduld. Op die pronkstukken gebruikten ze verzilverde vleespennen of hâtelets om het geheel nog feestelijker te maken. De afbeeldingen (van een varken of een rund) op het uiteinde van de vleespennen zijn fijn en natuurgetrouw uitgewerkt.

De hâtelets (sierpennen) zijn een erfenis van de grootvader van Mia Werck. Ze dateren waarschijnlijk van rond 1920. Ze zijn haar heel dierbaar, het zijn emotionele herinneringen aan de werklust en de energie van haar familie in de slagerszaak, maar ook aan die van de vele Hasselaren, die de stad na de oorlog opbouwden tot wat ze nu is.

Reageer op dit verhaal...

banner